En toen was er licht. (Genesis 1:3)

In het prille voorjaar, en zeker des winters, zijn de dagen nog kort en hebben we minder zonlicht. Te weinig zonlicht voor plantaardig spul dat bij voorkeur in tropische streken goed gedijt, maar dat we desondanks ook hier graag op ons bord en in de lochting hebben. Aangezien de truuk met de uitspraak Laat er licht zijn bij gewone stervelingen niet werkt zoals bij creaturen van meer goddelijke aard, moeten we onze toevlucht nemen tot aardse wijzen indien we pril plantgoed wat extra licht willen geven.

In een eerder stukje over m’n kweekbakje had ik het al over een amateuristisch in malkander geprutst groeilampje. Intussen heeft dat lampje een kleine upgrade gekregen met stukjes LED-strip.

In een creatieve bui kreeg ik het idee om een kapotte bureaulamp, die in m’n tuinkot al jaren stond te wachten op een herstelling die er misschien nooit zou komen, om te vormen tot een groeilamp. Zo gezegd, zo gedaan, ik gooide me op het Wonderbaarlijke Web van Wijsheid teneinde me goed te informeren, en ik bestelde deze LED-strip.

Made in China uiteraard. Dichtbij wordt zoiets niet meer gemaakt. Wat produceren betreft is onze eigen economie immers sterker in het uitbesteden van productie naar landen waar lage lonen gebruikelijk zijn, in tegenstelling tot gezonde arbeidsomstandigheden of vakbonden en al dat soort links poco gutmensch-gedoe voor deugpronkers. (Ik ontleen deze termen even uit het geïnspireerde vocabularium van personages die op sociale media veel te luid toeterend kond doen van hun heel erg rechtse wereldvisie, alsof hun leven ervan af hangt. Volgens hen is dat ook echt zo, in hun enge parallelle universumpje, want zij menen dat zogenaamde islamisering, omvolking en ontvolking ons eerder bij de ondergang van het avondland zullen brengen dan linksige prullen als klimaatverandering.)
Kinderarbeid, die vaak ook gewoon slavernij is, lijkt slechts een bijkomstigheid, zolang de winstmarges en de beurskoersen maar stijgen. Onze superieure normen en waarden, volgens sommigen. Tot we dan plots heel dringend heel veel mondmaskers nodig hebben en China ze zélf nodig heeft. Maar genoeg gezeurd over politiek, daar bestaan voldoende andere media voor, en vast zelfs veel te veel. De lamp dus. Het resultaat is best ok. Je kan de lamp draaien en keren en kantelen zoals je wil, en nog veilig ook, want met een laagspanning van 12VDC valt weinig onheil aan te richten. (klik op de foto’s om te vergroten)

De kritische lezer, ook al is die bij deze blog nogal virtueel, zal zich misschien afvragen “Allemaal goed en wel, maar heeft zulke bricolage wel zin, en met die Chinese rommel en al?” Wel, de eerste versie van de ledjes in het kweekbakje was merkbaar een succes van bij het allereerste gebruik bij de pas ontkiemde peperzaadjes, al zal de extra verwarming ook wel flink deugd gedaan hebben. De jonge plantjes groeiden veel beter dan vorig jaar, toen ze gewoon op de vensterbank stonden. Ze hadden ook minder de neiging om zich langgerekt naar het raam te buigen, evolutionair gedrild om op zoek te gaan naar meer licht. Met behulp van een timertje dat hier nog ergens in een schuif lag, kregen ze extra licht van 8:00 tot 21:30 uur. De grotere groeilamp had het effect dat planten die 40 cm van het zonnige raam vandaan stonden, zich zelfs eerder naar de lamp richtten dan naar het raam. Het eindresultaat is dat m’n pepers en paprika’s nu meer dan dubbel zo groot zijn als rond deze tijd vorig jaar. Ze hebben flink wat voorsprong opgebouwd. Volgend jaar ga ik ze later zaaien.

Eerder deze week verhuisde ik al enkele tomatenplantjes naar de serre, en morgen komt een bevriende moestuinier, wiens peperzaaisels dit jaar geen enorm succes bleken te zijn, enkele peperplantjes halen die ik op overschot heb. De kritische lezer van daarnet vraagt zich nu wellicht af of dat wel verstandig is, met die coronamaatregelen en zo. Welnu, de bevriende moestuinier in kwestie is behoorlijk werkzaam in de medische sector, het soort lui waarvoor vrouw- en dochterlief soms in het ijle staan te applaudisseren aan de voordeur, nietsvermoedende voorbijrijdende fietsers danig in de war brengend. Die weet dus wel van wanten, zo qua voorzorgen en vieze ziektes en besmettingsgevaar. Bovendien zal hij de woonstede niet betreden, houden we afstand en zijn we niet zinnens om elkaar in het gezicht te spugen.

Het zal dus stilaan minder druk worden aan de vensterbank, vermoedelijk tot opluchting van een geliefde huisgenote die de huiselijke omgeving graag wat properder heeft, en minder volgestouwd met divers plantgoed. Er wordt niet noemenswaardig over gezeurd en gezaagd, daar niet van, m’n hobby wordt me volkomen gegund, maar ik ken mijn pappenheimers wel een beetje. En het raam is zichtbaar aan een wasbeurt toe, een taak die ik gaarne spontaan op mij zal nemen bij wijze van wiedergutmachung. Soms ben ik de grootmoedigheid zelve, al ga ik daar niet opzichtig over opscheppen, want tenslotte ben ik soms ook de bescheidenheid zelve.

Groeten,
Guy


Toevoeging 19/01/2021
Mogelijks stelt iemand zich de vraag “jamaar kost dat niet veel aan elektriciteit, die extra verwarming dag en nacht, en die verlichting die vele uren per dag brandt?”
Nu wil het geval dat ik een cijferman ben. Geef me eender wat en ik begin te tellen. Én ik heb een energiemeter waarmee je elektriciteitsverbruik vrij nauwkeurig kan meten.

energiemeter

Het totale elektriciteitsverbruik (licht + warmte), van 14 januari tot 10 mei, was 66 kWh, wat concreet een extra elektriciteitskost van 17,5 euro (incl. alles) betekende.
De verlichting werkt met een timer. Op heel zonnige dagen schakel ik in de namiddag de extra verlichting enkele uren uit. (misschien kan ik dat nog automatiseren met een lichtsensor)
De verwarmingsmatjes hangen aan een thermostaat, die de verwarming uitschakelt wanneer de zon de kweekbakjes tot boven een bepaalde temperatuur verwarmt.
De bakjes, energiemeter, de thermostaat en de timer zijn allemaal spullen die ik al had, en waren geen extra kost.
De LEDjes, weerstandjes, LED strip, transfo, de twee verwarmingsmatjes en de temperatuursensor waren een eenmalige kost van samen 55,36 euro, en zal ik meerdere jaren kunnen gebruiken.

The One With The Apps

Corona hier, corona daar, het is me wat. Al ruim vijf weken ben ik m’n kot niet uit geweest. Ja, ik weet het, een indrukwekkend sociaal leven heb ik sowieso niet, maar ik kwam al eens buiten om boodschappen te doen voor het dagelijks eten, of om de lokale doe-het-zelfzaak te frequenteren voor de nodige materialen om een poging te wagen om één of ander klusje tot een goed einde te brengen. Eénmaal moest ik noodgedwongen het huis verlaten voor een kleine doch dringende tandtechnische ingreep, en toen viel me de bevreemdende, bijna post-apocalyptische sfeer op in het hospitaal waar het ingreepje doorging. Er moest een losgekomen implantaat verwijderd worden, wellicht een onrechtstreeks gevolg van m’n immuunonderdrukkende medicatie, vooraleer daar een onderliggende ontsteking zou ontstaan. Ik ben jarenlang een wandelende ontsteking geweest, maar nu de oorzaak daarvan vervangen is door een prima stel wisselstukken, moet ik ontstekingen van eender welke aard mijden als de pest. Breek me de bek niet open over hoe gevaarlijk zo’n coronadinges voor mij kan zijn.

Maar het is april, en het is prachtig weer, dus ik kan volop in de weer zijn met zaadjes en plantjes en andere tuinperikelen. Ik heb gezaaid, verspeend, geplant, en héél veel bloemknopjes van m’n jonge peperplantjes afgepeuterd. Zodra ze uitgeplant zijn, mogen ze bloeien zoveel ze willen, maar nu staan ze nog in kleine potjes en moeten ze nog niet te veel voedsel en energie verspillen aan bloemen en vruchten. Het is in ieder geval duidelijk dat m’n kweekmethode nu veel beter is dan bij m’n eerste peper-experimentjes vorig jaar. Ze zijn op hetzelfde moment gezaaid als vorig jaar, of zelfs later, maar de planten zijn minstens al dubbel zo groot als vorig jaar rond deze tijd. Dat betekent dat het intussen behoorlijk druk wordt aan de vensterbank.

Als de weersvoorspellingen enigszins blijken te kloppen, kan ik volgende week enkele tomaten, paprika’s en pepers uitplanten in de serre. De tomaten staan er reeds te acclimatiseren. Vorig jaar had ik ook de peper en paprika ongeveer rond deze tijd naar de serre verhuisd. Maar toen kwamen er plots nog enkele koude nachten en liepen de plantjes enige groeistilstand op.


Ik heb ook een hoekje met uit de hand gelopen rozemarijn opgekuist en omgevormd tot een klein kruidenhoekje. Ik heb geen foto van de toestand vóór, maar neem gerust van me aan dat het een stuk slordiger en wat verwaarloosd was.

Een banale vraag op Twitter over een even banaal stuk onkruid – “weet iemand wat voor een plantje dit is?” – deed me besluiten om nog eens een plantenherkennings-app uit te proberen. Vorig jaar in Frankrijk, te midden van allerlei mij volslagen onbekende flora, had ik ook al eens zo’n gratis app geprobeerd. Jezus, wat een rotzooi was me dat. Voortdurend reclameboodschappen, dringende verzoeken om over te schakelen naar de betalende versie, en het spul werkte nog voor geen meter ook. Dit soort dingen evolueert evenwel razendsnel, en deze keer kwam ik door een tip – alweer via Twitter, dat dekselse sociale medium blijkt ook nuttige kantjes te hebben – terecht bij PlantNet. Het is gratis, geen gezeur, en het werkt. Af en toe blijkt een plantje moeilijk te herkennen, al hangt ook veel af van de foto die je als input geeft, maar ik was desalniettemin behoorlijk aangenaam verrast.

Van het één komt het ander, je weet hoe dat gaat, en voor ik het wist had ik ook een app op m’n tablet geïnstalleerd om vogelgeluiden te herkennen: BirdNET. In den hof hoor ik steeds vannalles fluiten alsof het zomaar een lieve lust is, en wellicht is al dat geschuifel ook voornamelijk door paringslust ingegeven, maar ik kan dat vogelgezang slechts zelden op eigen houtje herleiden tot de vogelsoort in kwestie. Laat me het anders formuleren: ik ken er geen hol van. En net op dat ogenblik begon een buurman aan een meerdaags project betreffende het volledig en luidruchtig machinaal afschuren van zijn tuinhuis.  Omdat ik niet kon wachten om de app uit te testen, zette ik er m’n beste beentje voor om in huis zelf enkele deuntjes in te fluiten. En zie: ook deze app werkt! 

Alle gekheid op een stokje, of ook niet, wat kan het mij tenslotte schelen waarop die gekheid zit: ook met echte vogelgeluiden werkt het. Spelbreker is bij ons wel het aanhoudende geraas van de nabijgelegen snelweg bij genoeg wind uit bepaalde richting. Het kan een in de verte zingend vogeltje niet herkennen wanneer het overstemd wordt door het eeuwig in beweging zijnde mobiele goederenmagazijn op onze snelwegen, of door een aan behoorlijk overdreven snelheid voorbijscheurende motorgek op de sluipweg waar we wonen. Het is overigens ook aan te raden om de locatiebepaling van het toestel toe te laten, want het gebeurde wel eens dat als mogelijkheid een vogelsoort aangegeven werd die op dit continent niet voorkomt. Enkele screenshots:

Groeten,
Guy

basilicum en de edele kunst van het pimpen der diepvriespizza’s

Basilicum kennen we natuurlijk allemaal van pesto, en als toevoeging bij slaatjes en tomaten. Ik gebruik basilicum steeds op pizza’s. Vrijdag is onze vaste pizzadag. Vooral door luiheid zijn dat doorgaans diepvriespizza’s. Op zich is er niks mis met diepvriespizza’s hoor, maar ik pimp ze toch wel liever. Extra kaas, hesp, olijven, sardientjes, rozemarijn, verse paprika, peper, mozzarella, tomaatjes, whatever de koelkast en den hof op dat moment te bieden hebben, en natuurlijk ook basilicum, en liefst niet al te zuinig. Basilicum blijkt heel gemakkelijk te kweken spul te zijn. Ik heb er steeds in huis staan, en het leutige is: één pot basilicum is genoeg om héél veel basilicum te kweken, zonder per se telkens opnieuw te moeten zaaien.

“stilleven van citroengras en basilicum”

Je kan het zaaien, enkele planten laten bloeien en heel gemakkelijk het zaad oogsten om de volgende generatie te zaaien. Maar wat ik plezanter vind, is een takje afknippen, de onderste blaadjes gebruiken voor het gerecht in kwestie, en de rest van het takje met enkel nog de bovenste blaadjes eraan in water zetten. Vrij snel komen er wortels aan, en heb je een nieuw plantje. Het toppen zorgt bovendien voor zijscheuten en meer oogst. Zo hebben we het hele jaar door vers basilicum in huis.

Ik schrijf dit op een vrijdag pizzadag, en door de meute egoïstische coronahamsteraars waren er vandaag geen diepvriespizza’s meer in de plaatselijke supermarkt ter beschikking. Gelukkig zaten er in de diepvriezer nog enkele diepvriespizza’s, of we moesten mogelijks overschakelen naar fatsoenlijk voedsel – the horror. Maar pizzadag is een perfecte gelegenheid om enkele foto’s te nemen teneinde de potentieel eeuwige kringloop van een basilicumleven te illustreren.

Enkele weken geleden, op een donderdag toen ik de pizzavoorraad voor komende vrijdag alreeds wilde aanvullen, en ik weer eens routinematig de parking opreed van de dichtstbijzijnde supermarkt die evenwel nooit open is op donderdag, besloot ik om dan maar eens verder te rijden naar de Aldi. Want daar hebben ze steeds een interessant doch goedkoop assortiment lekkere koekjes, en mogelijkerwijs vielen de pizza’s ook nog wel mee. En ook: thuis is het op donderdag nogal ambetant met de poetsvrouw in wier weg ik niet wil lopen. Al is dat eerder een flauw excuus om die ietwat ongemakkelijke sociale situatie zoveel mogelijk te vermijden. Ik vind nogal veel sociale situaties ongemakkelijk, eigenlijk. Maar we hadden het over diepvriespizza’s, en f***ing h*ll, die diepvriespizza’s van de Aldi waren echt wel diepvriespizza’s “vandenAldi”. Wat een slappe, fletse troep was me dat zeg, gepimpt of niet. Daar viel gewoon niet tegenop te pimpen. Nu ja, dat weten we dan ook alweer, voor de toekomst en zo.

Misschien nuttig om te weten (of misschien ook niet – weet ik tenslotte veel): kruiden uit de supermarkt zijn geen lang leven beschoren. Het is evenwel vaak mogelijk om de plant te redden en er verder mee te kweken. Vorig jaar kocht ik zo’n geforceerd potje koriander, waarvan ik meteen een deel gebruikte om te koken, en de rest voorzichtig in drie stukken verdeelde om apart te planten. Zo ben ik ook aan de zaadjes geraakt waarmee ik dit jaar koriander ga proberen te kweken.
Over het in leven houden van supermarktkruiden vond ik op het WWW twee artikeltjes uit HLN, ééntje uit 2015 en ééntje uit 2019. Grappig hoe ze, op de intro na, woordelijk overgeschreven zijn. Journalistiek met een heel kleine j.

Groeten,
Guy


Toevoeging 11/04/2020:
Ik ga dit jaar véél basilicum trachten te kweken, genoeg om misschien ook af en toe pesto te maken. Ik heb intussen een tweede potje met stekjes geplant, alsook een potje gezaaid.

Stekjes:

Zaaisel:


Toevoeging 21/09/2020:
Welnu, pesto maken is er alsnog niet van gekomen, maar ik heb wel veel basilicum gebruikt. Op de pizza, in de spaghetti, bij het beleg op de boterham, in slaatjes,… Toen ik bezig was met deze in potjes te planten, kwam de buurvrouw aan ‘den draad’ een babbeltje slaan. Ik heb ze meteen ook maar enkele plantjes cadeau gedaan, vandaar dat het aantal plantjes niet overeenkomt met het aantal stekjes op de tweede foto.

paprika 2.0

Vorig jaar probeerde ik voor de eerste keer paprika te zaaien, gewoon heel amateuristisch, met zaadjes van een paprika uit de supermarkt. En dat lukte vrij goed, vooral in de serre. Er stonden daar een ‘gewone’ paprika en een ‘zoete puntpaprika’. Ik had ook twee paprikaplanten in een pot op het terras, maar ik denk dat de aarde niet ok was, alsook de potten wat aan de kleine kant. Over dat gepruts kan je hier lezen, maar hey, boeien en al.

Een mens blijft maar bijleren, of hij dat nu wil of niet, wellicht tot het lelijke monster van dementie daar steeds te vroeg een einde aan maakt, en bijgevolg weet ik nu méér dan vorig jaar. Dat bijleren hoeft niet noodzakelijkerwijs te leiden tot veel bijkomend gezaag daaromtrent, en bij voorkeur zelfs helemaal niet. Daarom vat ik mijn paprikagekweek van lochtingseizoen 2020 hier samen in een reeks foto’s, die niet eens bijzonder scherp zijn omdat ik ze comprimeerde. Ik kwam onlangs immers tot de vaststelling dat reeds ruim een kwart van de mij door WordPress toegewezen gratis opslagruimte in één of andere cloud opgebruikt was. Het spreekt vanzelf dat vooral het beeldmateriaal hiervan de voornaamste oorzaak is. Dus maak ik de foto’s voortaan wat compacter, zo bit- en bytegewijs. Who cares anyway.

Drie dagen geleden had ik het over het corona- en andere virussen, en ons land dat meer en meer stil komt te liggen. Het spreekt vanzelf dat onze al te liberale overheid mensen wil laten werken tot de druk te groot wordt, want *DE ECONOMIE!!*, maar meer en meer beroepsgroepen geven er voorlopig de brui aan. Eergisteren kreeg ik het bericht dat m’n afspraak voor periodieke controle bij m’n favoriete tandarts niet zou doorgaan, en – de duivel is er vast persoonlijk mee gemoeid – gisterenavond kreeg ik tandpijn aan een kies die al lang een probleemkies is. Op dit ogenblik is de pijn in het stadium van “nee, dit is echt niet meer lollig”. Nu heb ik in mijn leven al meer pijn gehad dat je een niet al te erge vijand toewenst – het is belachelijk hoeveel pijnzenuwen er in het longvlies zitten – maar dat betekent niet dat je daaraan gewend geraakt. Nee, integendeel, ik krijg er steeds meer een hekel aan. De eerste die komt zeuren van “jamaar pijn heeft een belangrijke alarmfunctie hoor” die kan met onmiddellijke ingang een trok op zijn muil krijgen. Het is godverdomme genoeg geweest. Ik overwoog even een stevige Oxynorm, maar ik hield het – voorlopig – bij Tramadol en een paracetamol. Gesundheit!

Of we ietwat afgedwaald zijn? Ongetwijfeld. Dan gaan we maar gewoon over naar de fotoreeks, die ik in de loop van het kweekseizoen wel op tijd en stond zal updaten.

Groeten,
Guy

Toevoeging 22/09/2020:
Een periode met veel wind en regen werd gevolgd met een mooie nazomer hangen. Nu, eind september, hangen er nog steeds volop paprika’s te rijpen. Door het warme weer komen er opnieuw overal bloemknoppen aan de paprikaplanten. Ik knijp deze af. Het worden toch geen volwaardige vruchten meer, en de planten steken beter hun energie en de laatste zon en warmte in de vruchten die ze reeds hebben. Over enkele dagen is het gedaan met de nazomer.
Ik heb ook geleerd dat de planten niet alleen warmte nodig hebben, maar ook veel licht, véél licht. In de serre stonden ze deze zomer deels in de schaduw van boompjes naast de serre die drastisch moeten gesnoeid worden, en ondanks de hogere temperatuur in de serre brachten ze minder vruchten op dan de planten in een pot in volle zon. Ze groeiden wel veel hoger, en ze blijven langer doorgroeien dan de potplanten.
Interessant: de puntpaprika’s leveren stuk voor stuk een veel grotere oogst op dan de blokpaprika’s, wel drie keer zoveel. Ik overweeg om volgend jaar enkel nog puntpaprika’s te zaaien. En o ja, het toppen van de jonge puntpaprika in april gaf geen merkbaar verschil in resultaat.

regen, virussen en toiletpapier

Het is me wat. In mijn lochtingske is het de laatste weken betrekkelijk rustig geweest, en niet alleen omdat er zo vroeg op het jaar niet bijzonder veel te doen is in de moestuin. Halverwege februari heb ik één rijtje voorgezaaide tuinbonen uitgeplant, en één rijtje mangetouts na een nachtje voorweken in de grond gepleurd. De behoorlijk uit de kluiten gewassen storm “Ciara” en haar broertje “Dennis” waren net over onze contreien gepasseerd, en ik dacht “héhé komt dat even goed uit, zo net op tijd om de tuinbonen te planten en de mangetouts te zaaien”.

De daarop volgende zondvloed maakte snel duidelijk dat mijn vreugde ietwat voorbarig was. Nu wil het geval dat mijn lochtingske nogal laag gelegen is, en vlak naast een stuk gracht dat aan beide kanten geenszins afwatert, wat maakt dat bij uitzonderlijk overvloedige regenval het water in die gracht even hoog komt te staan als mijn lochtingske, en soms nog nét een tikkeltje hoger. Dan wordt mijn lochtingske herschapen in een verzopen modderpoel, en staat de helft van de kiekenstuin onder water. Ideaal om pas gezaaide bonen te laten rotten. Het ergste kon ik vermijden door met een dompelpomp tienduizenden liter water weg te pompen naar de wat verderop gelegen en momenteel ongebruikte weide die nóg een ietsiepietsie lager ligt. In de kiekenskooi heb ik vijf zakken extra zand gekieperd zodat de beestjes min of mee droog tot bij hun voer zouden geraken.

Enfin, intussen is het allemaal weer onder controle. Deze week zag ik dat de mangetouts aan het uitkomen zijn, en ook de tuinbonen hebben al flink een groene kop boven de grond gestoken. Vandaag heb ik een tweede rijtje mangetouts gezaaid, alsmede wat radijzen en in de serre een toefje rucola, en wat sla in wc-rolletjes. Met de paprika’s en de pepers gaat alles voorspoedig, ik hoop van u hetzelfde, en ook de tomaten zijn intussen ontkiemd. Van de zondvloed heb ik gebruik gemaakt om in huis een defecte lamp om te bouwen tot een handige groeilamp, met behulp van een LED-strip.

Jazeker, het moestuinvirus heeft me weer flink te pakken. Het slaat steeds het hevigst toe in het prille voorjaar, wanneer het nog te vroeg is om in de moestuin te spelen maar je desalniettemin voortijdig staat te popelen. Door de surinfectie met het pepervirus begint dat zelfs al in januari.
Op dit ogenblik waart er evenwel ook nog een ander virus rond, waarvoor ik een pak méér op mijn hoede ben. Sedert vorige nacht is het hele land half stilgelegd om de verspreiding van COVID19 te beperken, beter gekend als ‘het Coronavirus’. Gisterenochtend was onze dochter van 12 zodanig euforisch door het nieuws dat ze de komende vijf weken niet naar school moet, dat ze het goede nieuws dolenthousiast in m’n oor kwam toeteren terwijl ik nog vredig lag te slapen, en het zelfs aan de échte kiekens is gaan vertellen.

coronavirus, een miljoen keer vergroot of zoiets

Tot licht ongenoegen van m’n immer bezorgde levenspartner verkeert mijn gemoedstoestand momenteel nog niet in een staat van opperste paniek, zelfs niet van middelgrote. Jazeker ik ben een risicopatiënt, en zo nog geen klein beetje ook, maar ik ben eerder van mening dat een dosis voorzichtigheid en rationele preventie voorlopig zouden moeten volstaan. Laat anderen elkaar maar de kop inslaan voor een twaalfde pak toiletpapier of voldoende pasta om een half jaar geconstipeerd te zijn. Ik blijf rustig thuis, en als ik toch buiten moet komen, om wat voor reden dan ook, reken ik wel op een busje ontsmettende handgel en m’n gebrek aan sociale vaardigheden.

Groeten,
Guy

educatief moment met zaaitips

Het was eigenlijk nooit de bedoeling om hier de educatieve toer op te gaan. Het wereldwijde web staat reeds vol met tips, goede en minder goede raad en al dat soort leerrijk gezaag. Anderzijds, als een mens toch al door het bos de bomen niet meer ziet, wat zou de ene extra boom dan nog uitmaken. Ik zet al graag eens een boompje op, en aangezien dat IRL maar al te vaak op eyerolls (geroloog is een te raar woord) en gezucht wordt onthaald, of gewoon geskipt (ja, dat soort taalgebruik krijg je dus met twee tieners in huis), gooi ik het hier maar allemaal in de virtuele groep. Het toetsenbord luistert altijd zonder morren. En zo gebeurt het dat ik hier enkele zaaitips herkauw.

Gisteren las ik een stukje van een sympathieke dame, die moeite had met tomatenzaadjes fatsoenlijk in een wc-rolletje te zaaien.  Vandaag nam ik zelf enkele zaadjes van rode kool ter hand, alsmede vier rolletjes gevuld met zaaigrond, en herinnerde me hoe ik vorig jaar zelf vreselijk stond te sukkelen met piepkleine donkere zaadjes die ik ordentelijk geschikt in een even donkere stukje aarde wou zaaien. Je hoopt dat je welgeteld één minuscuul zaadje min netjes op het daartoe voorziene plekje hebt laten vallen, maar je hebt er verder het raden naar. De zaadjes zijn volkomen onvindbaar geworden.

▶️ En plots dacht ik aan een plastieken lepel, formaat eetlepel, die ik ergens bewaard had. Als je daar een klein gaatje in boort, dan hoef je maar een zaadje op de knalwitte lepel te leggen, het gaatje boven de gewenste zaaiplek te leggen, en het zaadje bijvoorbeeld met een potloodpunt naar het gaatje te manoeuvreren en hupla, zo gezegd, zo gedaan! “Zo gezegd, zo gedaan!” is trouwens een frase die me diep in het geheugen gegrift staat door een elpee met ingesproken sprookjes die ik als kind een onnoemelijk aantal keer beluisterd heb. En elpee, oftewel LP, beste kinderen, is de afkorting van ‘langspeelplaat’. Dat is een oud schijfvormig voorwerp dat diende om met behulp van een mechanisch apparaat naar muziek te luisteren. Een beetje zoals de CD vroeger, zijnde de Compact Disc, maar dan nog veel ouder. De dieren konden toen nog praten, dat weet ik van de pratende dieren op die sprookjesplaat. Maar zou het evenwel kunnen dat we ietwat afdwalen?
Je kan nog verifiëren of het zaadje wel degelijk helemaal door het gaatje gevallen is, door even met de punt van het potlood door het gaatje te gaan.

Bovenaan in de lepel een piepklein zaadje van rode kool. Onderaan het gaatje in de lepel. Zo kan je het zaadje precies op de gewenste plek zaaien.

▶️ Vorig jaar had ik al iets gelijkaardigs gedaan met zaadjes in een vierkant potje, een zogenaamd “P9” potje. Je vult de potjes met aarde, en je drukt het oppervlak van het ene potke wat vlak met de onderkant van het andere. Je legt de mal met gaatjes er op, duwt met een potloodpunt door de gaatjes kleine putjes in de aarde, en je dropt een zaadje in elk gaatje. Wanneer een zaadje het doel gemist heeft, zie je het donkere zaadje heel goed liggen op het witte papier, en kan je het zaadje alsnog met dezelfde potloodpunt naar het gaatje koteren.

▶️ Vandaag bedacht ik nog iets, na het lezen van de zoveelst tekst waarin zaaisels afgedekt worden met een dun laagje grof wit zand of vermiculiet. In dit stukje kan je lezen dat ik steeds fijngemalen eierschalen heb, om te mengen bij het kiekeneten. Als ik dit nu eens gebruik als grof wit zand? Zo gezegd, zo gedaan! (Enkele potjes heb ik met rust gelaten, als vergelijkingsmateriaal. Niet dat ik verwacht dat ik echt het verschil zal zien, maar toch… Ik zou het me blijven afvragen als ik het niet zou doen.) Het leek me handig om bij m’n zaaispulletjes een portie van dit ‘grof zand’ te bewaren, zodat ik niet telkens naar het kiekenskot moet. Daarvoor kwam een leeg kruidenbusje met grote strooiopening in aanmerking.

▶️ Om te weten welk zaadje in welk potje zit, gebruik ik de tie-wraps waarover ik het hier had.
Wanneer ik iets buiten zaai, valt zo’n tie-wrap nogal klein uit, en identificeer ik het rijtje zaaisel met behulp van een plastieken lepeltje of vorkje, gewoon omdat hier een hele zak van die spullen al rondslingerde sedert de peutertijd van de kinderen. Ik vermoed dat ieder huisgezin ergens wel één of ander soort ongebruikte rommel heeft die hiervoor kan dienen.

▶️ Zaaisel en scheutjes zijn geweldig kwetsbaar en moeten beschermd worden tegen de lokale fauna. Ontkiemende zaadjes worden vaak opgepikt door vogels. Dan zwijg ik maar over katten die soms in mijn klein lochtingske komen schijten en de hele boel kapotscharten. Het is best om de zaaisels af te dekken, tot de plantjes groot genoeg zijn. Ik gebruik daarvoor stukken gaasdraad, en enkele plastieken kappen die naar verluidt ooit van afgedankte straatverlichting kwamen en die mijn buurman – hij ruste in vrede – gebruikte. Mijn andere buurman – hij ruste eveneens in vrede – gebruikte stokjes waarmee hij een touwtje spande boven de gezaaide rijtjes, en bevestigde stukken folie aan dat touw teneinde ongewenst gevogelte af te schrikken.

bescherming van de tuinbonen


Vorig jaar werden m’n staakbonen, zodra ze uitkwamen, systematisch opgevreten door duiven. Wel, niet echt opgevreten. De rotbeesten pikten het pas ontkiemde scheutje uit in de hoop dat het een vette worm of larve of weet-ik-veel-wat was, en lieten het dan liggen omdat het bij nader inzien toch niet zo’n lekker hapje was als verhoopt.

Nochtans had ik een levensgrote vogelverschrikker naast de bonen gezet, rondbengelende oude cd’s boven de bonen opgehangen, en de bonen ietwat afgeschermd. Alleen bleken bonen die rond een hoge stok gezaaid zijn, moeilijker te beschermen dat struikbonen. Ik heb daar iets op gevonden, en zal dat te gepasten tijde met een foto toelichten.

▶️ Heb je dat soms ook, dat je op het einde van de rij te weinig of te veel zaadjes of plantjes hebt, omdat je de tussenafstanden minder correct ingeschat had dan gedacht? Met dit eenvoudig hulpmiddel kan je dat vermijden. Ik gebruikte een restje panlat. Eén zijde van de afstandslat is gemarkeerd per 2 cm, een andere zijne per 3 cm, de derde zijde per 10 cm, en de vierde per 15 cm. De zijden van 10 en 15 cm hebben middenstreepjes van resp. 5 en 7,5 cm.

Groeten,
Guy

Toegevoegd 22/09/2020:

▶️ Die fijnmazige plastieken netjes rond look of andere voedingswaren, gooi je dat nu bij het PMD of bij het restafval? Geen van beide! Gebruik ze om de drainagegaten in bloempotten te bedekken, in de plaats van potscherven.

zaaien in wc-rolletjes: zin of onzin?

Vandaag surfte ik nog even rond op de golven van de moestuinsectie van het wereldwijde web van wijsheid, meer specifiek om te leren over andermans ervaringen met het voorzaaien in wc-rolletjes. Ik kwam tot de conclusie dat de methode vrij veel navolging kent, maar ook dat sommige moestuiniers het niet helemaal goed begrepen hebben.

Zo kwam ik terecht bij Jelle, die stelt dat zaaien in wc-rolletjes geen goed idee is, en ook bij Tine, die het geen erg succesvolle methode vindt. Wanneer ik naar hun foto’s kijk, wordt me al snel duidelijk waarom dat het geval is.
In beide gevallen zijn de tomaten voorgekiemd in een potje of zo, en daarna werden zaailingen overgeplant in een wc-rolletje, waarin ze veel minder goed floreerden dan hun broertjes/zusjes in een gewoon bloempotje. Dat is evenwel niet de bedoeling. Zo’n rolletje is te klein om een plantje te laten opgroeien, en het karton is te waterdoorlatend.

Waarvoor gebruiken we dan wc-rolletjes? Wel, om rechtstreeks in te zaaien. Wc-rolletjes zijn gemakkelijk met veel tegelijk in een bakje op een warme plaats te zetten, en af te dekken zodat ze niet uitdrogen. Zodra het plantje ontkiemd is, en zijn eerste paar ‘echte’ blaadjes heeft, moet het echter verspeend worden naar een groter potje. Zo’n rolletje is niet geschikt om de plantjes langer in te laten groeien. Eerst elders laten ontkiemen, en daarna verspenen naar een wc-rolletje is niet alleen een enorm gepriegel, het is ook gewoon geen goed idee.

Jolanda maakt in haar – overigens erg lezenswaardige – blog melding van een ander probleem.
Sommige zaadjes zijn inderdaad niet handig in zo’n rolletje te mikken. Daar bestaan evenwel vrij eenvoudige oplossingen voor: een trechterje, een tot trechter gerold papiertje, of misschien vind je wel inspiratie op de gedetailleerde website van Sjef.

Is zaaien in wc-rolletjes een mirakeloplossing? Zeker niet, het heeft voor- en nadelen.

Wat zijn, naar mijn ervaring, de voordelen van wc-rolletjes?

  • Het neemt weinig plaats in om op een warme plaats te zetten (bijvoorbeeld een radiator, een warme vensterbank, een verwarmingsmatje,…)
  • Elke zaailing kan individueel verplaatst of verspeend worden
  • Erg eenvoudig om te verspenen: met rolletje en al in een potje, of in volle grond. Het rolletje verteert snel.
  • Er is geen enkele verstoring van de wortels bij het verspenen, dus ook geschikt voor plantjes die niet graag verspeend worden.
  • 100% gratis en 100% milieuvriendelijk.


Nadelen:

  • Niet geschikt om plantjes lang in te laten groeien. Droogt snel uit indien onafgedekt op een warme plaats.
  • Je moet genoeg kakken om genoeg rolletjes te verzamelen, als je erg veel op deze manier wilt zaaien. Ik heb slechts een klein lochtingske, en ik heb vandaag 17 februari al 50 à 60 rolletjes gebruikt. Over drie weken heb ik er nog een 15-tal nodig, voor de tomaten. Voor een doorsnee huisgezin is het evenwel geen probleem om genoeg bij mekaar te kakken.
  • Mogelijks is een rolletje wat klein om een zaadje mooi in het midden te mikken, maar daar bestaan echter eenvoudige hulpmiddelen voor, en het hoeft ook niet exact in het midden te zijn.
  • De rolletjes worden vies en kunnen beschimmelen, zeker bij een lange kiemtijd. Dat maakt natuurlijk ook gewoon deel uit van het verteringsproces, maar je kan dat beperken door speciale zaaigrond te kopen, daarin zijn de meeste kiemen door verhitting gedood. Je kan zelf ook gezeefde compost verhitten in de oven of in een oude pan, maar de ervaring leert me dat dit heel onaangena stinkt.
  • Voor mensen met ernstige longproblemen of immunosuppressieve medicatie kan het omwille van schimmels (net als bij blootstelling aan potgrond, compost, hopen groenafval of grasmaaisel, dierenvoeder, uitwerpselen van kippen of andere vogels, hooi of stro,…) zonder voorzorgsmaatregelen* een risico zijn.
    *: niet in leef- of slaapkamer houden, handen wassen na aanraking, ook kledij verversen na intensief contact, opletten met wat je inademt, niet nodeloos in potgrond wroeten, niet tegen de wind in verspenen of compost verspreiden, evt. mondmasker,…

Tips voor het zaaien in wc-rolletjes:

  • Vóór het ontkiemen is vooral warmte belangrijk in het geval van peper, paprika of tomaten. Na het ontkiemen hebben de plantjes minder warmte maar meer licht nodig.
  • Tijdig verspenen. Ik doe dat zodra het eerste paar echte blaadjes ontwikkeld is.
  • Dagelijks water geven van bovenaf met een plantenspuit. Zorg dat de rolletjes niet uitdrogen, maar maak ze ook niet kletsnat. De rolletjes drogen minder snel uit wanneer je ze tegen elkaar zet.
  • Ik knip steeds ongeveer 1/2 à 1/3 van de rolletjes af. Je zal dan sneller een plastieken potje vinden dat hoog genoeg is om het zaaisel gemakkelijk te kunnen afdekken om warm en vochtig te houden, en je kan de rolletjes dieper steken bij het verspenen. Het afgeknipte deel mag gewoon in het compostvat. (Ook wanneer je wc-rolletjes niet gebruikt om in te zaaien, kunnen ze uiteraard in het compostvat.)
  • Maak de rolletjes zeker bij tomaten kort genoeg, om diep genoeg in het potje te kunnen steken bij het verspenen.
  • Soms lees je ook iets over voorzaaien in eierdoosjes. Daar heb ik veel minder goede ervaringen mee. Er kan slechts heel weinig zaaigrond in zo’n vakje en er is bijgevolg erg weinig plaats voor de zich ontwikkelende worteltjes. Ik heb ook ervaren dat het karton van eierdoosjes snel zo wak en slap wordt dat het nadien nog moeilijk te manipuleren is.
  • Wanneer je het plantje wil uitplanten in een droge grond, dan hou je de aarde in en rond het rolletje best vochtig genoeg totdat het rolletje voldoende verteerd is. Een droog rolletje kan de wortelontwikkeling tegenhouden.
  • Soms ‘pel’ ik een stuk van het kartonnen rolletje weg bij het verspenen. Dat doe ik enkel als ik merk dat het aardkluitje vast genoeg is om daarbij niet uit mekaar te vallen.
  • Je kan eventueel enkel de bovenste helft van het rolletje vullen met zaaigrond, en de onderste helft met gewone potgrond. Zo vindt het jonge plantje sneller meer voeding.
  • Niet alles gedijt even goed in WC-rolletjes. Bij mij werkte het prima voor tomaten, pepers, paprika, look en tuinbonen. Het werkte niet goed voor sla en koriander.

Enkele foto’s:

In dit stadium moeten de tomaten verspeend worden naar een potje, anders wordt de groei gehinderd. Doordat er een stuk van het rolletje afgeknipt was, was het heel gemakkelijk om het plantje met rolletje en al wat dieper te steken bij het verspenen. In dit geval was het rolletje wel wat véél afgeknipt.


Voorzaaien in wc-rolletjes kan erg plaatsbesparend zijn.


Tuinbonen zaai ik voor in wc-rolletjes in de serre. Zo zijn ze veilig voor muizen en voor teveel nattigheid, tot ze veilig kunnen uitgeplant worden. (klik op de foto om te vergroten)


Idem voor knoflook. Bij het koken vind je in een bol look soms nogal kleine teentjes. Die hou ik dan apart om te planten.

Peper, paprika en tomaten, klaar om te verspenen in een potje. (klik op de foto om te vergroten)


Toevoeging 11/05/2021:
Ook met prinsessenbonen lukt het prima. Ben je het beu dat hongerig gevogelte de ontkiemende boontjes aanziet voor vette wormen? Wil je bonen zaaien, maar is het de komende week nog te koud? Wordt er een lange periode van regen voorspeld en gaan de boontjes weer eerder rotten dan ontkiemen? Je kan ze op een warmere en beschutte plaats voorzaaien in wc-rolletjes. Ik laat de bonen een uurtje voorweken, en dan stop ik ze in rolletjes in licht vochtige aarde. Zeker niet te nat! Zodra ze groot genoeg zijn om niet meer met een lekker vogelhapje te verwarren, gaan ze met rolletje en al de grond in. (klik op de foto om te vergroten)

Enkele andere webpagina’s over zaaien in wc-rolletjes:

Groeten,
Guy

de windhaan en de compostzeef

Na het stormweer van de voorbije dagen, was het vandaag een zachte, rustige en semi-zonnige dag. Toen ik deze voormiddag in de brievenbus ging kijken, kwam de buurvrouw naar buiten gesneld. Of ik de windhaan van het dak van haar garage kon halen. Op die garage stond inderdaad een windhaan. Die had daar al vele jaren dapper alle weersomstandigheden getrotseerd om eventuele belangstellenden duidelijk te maken vanwaar de wind nu weer kwam, maar tijdens Ciara – zo had men de storm genoemd – zette de haan in kwestie het op een hevig schudden en daveren, en mijn dochter was er getuige van dat hij plots alle houvast verloor. Wel, niet echt álle, want twee staalkabeltjes verhinderden nog dat hij helemaal van het dak afwoei. De windhaan had finaal de geest gegeven. Roest, houtrot, en de tand des tijds hadden hun onontkoombare werk gedaan.

Sapperloot, zo dacht ik, weliswaar in andere termen die minder voor publicatie geschikt zijn, het zal toch niet op mijn sandalen zijn dat op ik hier een ladder kruip. Ik deed schoenen aan, en een tot werkbroek gedegradeerde jeans want je weet tenslotte maar nooit, en ik klaarde de klus. Nog even het slot van de garagedeur gesmeerd met WD-40 want dat leek me overdreven stroef te gaan, alsook diverse bewegende onderdelen van de garagepoort want daar had ik gisteren meer gerammel en geklop en gesnok gehoord dan goed kan zijn – terwijl we toch bezig zijn en zo.

En terwijl we toch bezig waren en ik mijn vuile kleren aanhad, ben ik dan maar wat in de tuin beginnen te werken. Het stukje voor peultjes, tuin- en staakbonen klaargemaakt inclusief stokken en steunen, de bezenstruikjes gesnoeid en de vogelbescherming hersteld, en nog aantal prutserijen en opkuiswerkjes. De hele dag bezig geweest, quoi. Eén van die klusjes betrof het zeven van een hoopje compost. Enkele maanden geleden heb ik een kaduuk compostvat vervangen door een nieuw en degelijker exemplaar, maar daarvoor moest ik de oude eerst leegmaken. Het onverteerde deel ging nadien weer het compostvat in, maar het reeds verteerde spul bleef op een hoopje liggen. Tot nu dus. Vandaag heb ik het hoopje gezeefd, en de fijnste compost bewaard als potgrond. Aangezien ik te gierig ben om een compostzeefje te kopen, en te lui om er één te maken, gebruik ik daarvoor het rooster van een kapotte ventilator. Wel goed gevonden, zo qua doordeweekse lifehack, en het werkt uitstekend.

Ik bedenk nu plots dat dit reeds het vierde stukje is op vier dagen tijd. Ach, niemand zit me achter de veren, en er zit al helemaal geen planning achter. Ik laat hier gewoon mijn gekrabbel achter wanneer ik daar zin in heb, en zo is het goed.

Groeten,
Guy

kinderkunst

Stop me geen penseel of kostbaar muziekinstrument in de hand, want qua kunstzinnige prestaties zal er niks gebeuren dat de artistieke vaardigheden van de doorsnee peuter noemenswaardig overstijgt. Hooguit kan ik met potlood iets schetsen waarvan je, mits een minimum aan goedgelovigheid, mogelijks kan overtuigd worden dat het geen product is van de groepsactiviteit in de plaatselijke crèche. Het is me nu eenmaal niet gegeven. M’n vader is evenwel een begenadigd beeldend amateurkunstenaar. Er is ooit een werkje van hem gespot op een bekende tweedehandssite, in verband met een aquarel zijner hand, ter koop aangeboden voor een niet nader genoemde prijs. Het bleek voor de verkopers in ieder geval te mooi om zomaar naar het containerpark te brengen. Ik heb ongetwijfeld een heleboel genen van de man geërfd, de ene al kwalitatiever de andere, maar de genen die mij te beurt vielen geven alleszins niet veel blijk van uitgesproken artistieke talenten.

Eén en ander betekent natuurlijk niet dat ik niet ontzettend kan genieten van kunst, weliswaar aan de gebruikerszijde. Muziek kan me kippenvel bezorgen. Cineastisch, maar ook televisioneel, kan ik bijwijlen flink ontroerd worden om zoveel schoonheid. Zelfs één enkele mooi geschreven zin in een roman kan me beroeren. (Laat me u, wat dit betreft, doorverwijzen naar bijvoorbeeld het verbluffend meesterlijke proza in de roman ‘Woesten’, geschreven door de heer Kris Van Steenbergen). Ook naar een stilstaand beeld kan ik met open bek zitten gapen wegens behoorlijk onder de indruk, zelfs wanneer het geen hoogstaande Kunst betreft, maar gewoon iets moois.

En dan krijg je kinderen, en dan worden die almaar groter, en dan brengen die te pas en vooral te onpas werkjes mee van school, die aldaar gemaakt zijn als collectief tijdverdrijf met educatieve doelstellingen. Ik vind die vaak oprecht mooi. En natuurlijk ook: ‘eigen kind schoon kind’. De allermooiste kregen zelfs een plaats in ons huis. Niet in onze living, alwaar de muren kaal moeten blijven om het esthetisch gevoel van vrouwlief te plezieren, maar in de ‘vide’ op de eerste verdieping. Een soort uit de hand gelopen overloop, die een kamer op zichzelf is. Het is tevens de kamer met de vensterbank waar m’n zaaisels het eerste licht zien, maar dit terzijde. Als trotse vader bezorg ik hierbij het volledige wereldpubliek de gelegenheid om enkele van deze kunstwerkjes te bewonderen. En ja hoor, het gekrabbel van jouw kinderen is ook mooi hoor, ongetwijfeld, maar nooit zo mooi als dat van de mijne. Hieronder de bewijzen (wordt regelmatig bijgewerkt)

Groeten,
Guy

vaderdag 2020 + virtuele reconstructie
Eva, 2020.
(Ze is trots omdat ze nu groter is dan haar moeder, en dat moet blijkbaar benadrukt worden! Vlnr: vrouwlief, ikzelf, dochter en zoon)

Om de artistieke pogingen van mezelf toch niet helemáál te negeren, hieronder mijn eigen creaties. Je begrijpt al snel wat ik eerder bedoelde.

pepertjes – deel III

Ik blijf maar zeuren over pepertjes. Het zijn dan ook geweldig leutige plantjes om te kweken, en in januari en februari is er verder niet zo geweldig veel te doen qua moestuinierderij. Vorig jaar heb ik voor het eerst pepertjes gezaaid, en ik schreef daarover hier al:
pepertjes – deel II
peper en paprika: the amazing great picture gallery
pikantigheid met peper

Natuurlijk heb ik er één en ander van opgestoken. Men is immers nooit te oud om te leren, tenminste als we akelige pretbedervers als alzheimer even buiten beschouwing laten. ‘Leren’ mocht de laatste twintig jaar evenwel geen enkele vorm van zelfdiscipline of streng studeerwerk meer inhouden, zo heb ik me plechtig voorgenomen toen ik mezelf ergens rond de millenniumwisseling, naast een decennium eerder afgestudeerd ingenieur, ook plots een gediplomeerd preventieadviseur mocht noemen. ‘Leren’ associeer ik teveel met de jarenlange strijd tegen de slaap op de schoolbanken, een strijd die ik niet zelden kansloos verloor, een strijd die af en toe plaats maakte voor een vreselijke examenperiode waarin ik de leerstof die ik een jaar lang zo enthousiast mogelijk genegeerd had, in één of twee dagen of nachten in m’n luie kop moest rammen.
Maar goed, dit terzijde, dit jaar breng ik enkele verbeteringen aan in mijn werkwijze, geïnspireerd door m’n ervaringen tijdens het vorige seizoen. De pepertjes werden dit jaar gezaaid op 14 januari in de kweekbakjes die ik intussen gemaakt heb, een noemenswaardige upgrade t.o.v. de plastieken brol van vorig jaar. Benieuwd naar de resultaten. Om niet al te excessief in herhaling te vallen, ga ik me hier beperken tot een fotoverslag van m’n huidige en toekomstige peperavonturen. Dit wordt dan meteen ook het laatste stuk dat ik begin over pepers.

Overwinteren:
Van de plantjes van vorig jaar heb ik er één de hele tijd in huis laten staan, op onze zonnigste vensterbank, tevens onze enige zonnige vensterbank waar het niet frisjes is in deze tijd van het jaar. We hebben de laatste pepers van deze plant ergens in december geoogst, en de plant ingesnoeid. Ik wou het plantje wat laten rusten, om het vanaf april of mei weer volop in bloei te laten komen. De bloemetjes die tot die tijd verschijnen (zelfs nu reeds!) verwijder ik. Of het lukt of niet, dat komen we te weten in de volgende fotografische kroniek:

Groeten,
Guy


Toevoeging 18/10/2020:
Voor de lol (lees: als show-off) nog eens de drie ‘grote’ oogsten van 2020 bij elkaar (voor het maken van een batch sambal oelek), met daaronder telkens de resulterende sambal. Ik ben nog niet ver genoeg heen om ook de vele kleine oogstjes tussendoor te fotograferen.
NB: De getopte planten bleven hier kleiner en brachten minder of evenveel vruchten op als de niet getopte.

Toevoeging 16/01/2022:
Intussen heb ik het recept van m’n sambal online gezet: recept sambal oelek